Wie jeugd heeft, heeft toekomst. Dat is een geruststellende gedachte. Want de NMU heeft jeugd. Wie af en toe zijn of haar neus bij het Juniorenweekend laat zien, weet daar alles van.
In deze serie interviews zetten we 4 junioren in het zonnetje. Zij zijn tenslotte onze hoop in bange dagen. Onze toekomst.

Deze interviews zijn afgenomen tijdens het Jeugd Weekend van 2019. Het interview met Tycho is daarbij op magische wijze verdwenen, maar werd afgelopen week terug gevonden. Ook al is het wat langer geleden, de redactie vond dat we het toch alsnog moesten plaatsen.

Aflevering 4: Tycho Lampe, 13 jaar uit Den Haag – lid van de NBG

(inmiddels is hij dus 15)

Dat is ver weg. Hoe doe je dat?

Ik ben lid geworden van de goochelclub doordat ik iemand kende die er op zat, Julian Pronk. Die komt me soms ophalen. Mijn vader en moeder brengen me ook wel eens. Die blijven dan ook kijken. Dat vinden ze leuk.

Hoe lang goochel je al?

Ik goochel vanaf mijn tiende, dus 3 jaar.

Wat was de allereerste goocheltruc die je leerde?

Mijn eerste truc leerde ik op YouTube. Iemand koos een kaart, die ging terug in het spel en dan liet ik ‘m daarna uit het spel omhoog komen.
Tycho pakt meteen een spel kaarten en laat soepeltjes een kaart omhoog komen.
Toen ik die truc zag vond ik het echt heel verbaasd. Maar toen ik ontdekte hoe het werkte bleek het heel makkelijk te zijn. Dat vond ik wel vet. Dat iets er zo moeilijk uitziet, maar zo makkelijk blijkt te zijn.

Wat was de eerste truc die je hebt gekocht?

Ik denk de changeerzak. Dat was ook een truc waarvan ik niet wist hoe die werkte. Maar zodra ik hem bekeek, ik had ‘m op marktplaats gekocht, wist ik wel hoe het werkte.

Treed je wel eens op?

Niet echt. Ik laat af en toe wel eens wat zien aan mijn vrienden. Meestal zijn dat kaarttrucs. Dus met die changeerzak doe ik niet zoveel.

Wat is je beste truc?

Ik heb een wit kaartspel, waar ik gekleurde kaarten van kan maken. Daarna kiest iemand een kaart en die kaart zit dan omgedraaid in het spel. Daar snapt echt niemand wat van. Die truc zit altijd in mijn goochelkoffer.

Is er wel eens een truc helemaal mis gegaan?

Nee, eigenlijk nog nooit, zegt hij met een grote glimlach

Wat ben je van plan om met goochelen te gaan doen?

Ik weet nog niet echt of ik er mijn beroep van wil maken. Het is natuurlijk wel heel leuk, ik heb ook weleens meegedaan met een wedstrijd. Tijdens de Kampioenschappen van vorig jaar deed ik mijn ‘JUMBO-act’. Met die act heb ik de aanmoedigingsprijs gewonnen.

Mijn moeder heeft me geholpen bij het maken van de act en ik heb ‘m natuurlijk ook op de goochelclub laten zien. De vader van Julian heeft ook geholpen. Die vindt het heel leuk om illusies te maken van hout. Oja, mijn opa heeft ook geholpen. Die heeft een drukkerij.

Wat vind jij ervan dat er allerlei trucs op internet staan?

Je zou denken dat iedereen dat kan vinden en dat mijn vrienden dan al mijn trucs begrijpen, maar dat is niet zo. Ze gaan helemaal niet echt zoeken. Dus ik vind het wel prima dat dat allemaal online staat.

Zou je een klein trucje willen doen?

Tuurlijk!